R.K.V.V. De Leeuw

In gesprek met Anton Vriesde: de nieuwe hoofdtrainer stelt zich voor.

Vrijdagavond hangt er een ontspannen sfeer op sportpark Klingelsberg. Terwijl de zon langzaam zakt, stroomt de kantine al vroeg vol. Vrijwilligers zijn druk in de weer en enkele supporters zoeken een plek langs het hoofdveld en nieuwsgierig wordt gekeken naar de derde training van het nieuwe seizoen. Op het veld klinkt regelmatig dezelfde stem. De nieuwe hoofdtrainer legt een oefening stil, corrigeert een speler en vraagt vervolgens meer intensiteit.

“Willen winnen!”

Het zijn twee woorden die deze avond meerdere keren over het veld klinken. Niet als loze kreet, maar als uitgangspunt van zijn manier van werken. Wie Anton Vriesde tijdens zijn eerste trainingen aan het werk ziet, merkt al snel dat winnen voor hem veel verder gaat dan alleen de uitslag op zondagmiddag. Het begint bij de instelling waarmee je traint, de discipline die je iedere week opbrengt en de bereidheid om alles voor het team over te hebben.

Met de komst van de op 18 oktober 1968 in Den Haag geboren Anton Vriesde heeft De Leeuw een trainer aangesteld met een indrukwekkend voetbalverleden.

Na zijn geboorte in Den Haag verhuisde het gezin Vriesde naar Zoetermeer. Daar groeide Anton op, samen met zijn drie broers en een zus.

Anton is getrouwd met Ingrid en woont met zijn gezin in Riemst, België. Het echtpaar heeft twee zonen: Delano (26), die bij Scharn speelt, en Winston (23), die bij Eijsden speelt. Ook een hond, twee paarden en een pony maken deel uit van het gezin.

Zijn eerste voetbalstappen zette hij bij DSO. In die tijd verliep de doorstroming naar het betaald voetbal heel anders dan tegenwoordig. “Nu worden spelers al op heel jonge leeftijd weggehaald door een profclub. In onze tijd bleef je gewoon bij je eigen vereniging. Pas veel later kwam je eventueel in beeld.”

Dat moment kwam voor Anton tijdens het jubileum van DSO. De club speelde een oefenwedstrijd tegen Ajax. Voor de meeste spelers was het een bijzondere wedstrijd, voor Anton bleek het een begin van een heel nieuw hoofdstuk.

Zijn optreden bleef niet onopgemerkt. Ajax zag voldoende potentie en nodigde hem uit om zich aan te sluiten bij het tweede elftal.

“Dat was natuurlijk een enorme stap.”

Toch verliepen de eerste maanden in Amsterdam allesbehalve gemakkelijk. “Het verschil was gigantisch. Bij DSO trainde je een paar keer per week. Bij Ajax leefde je ineens als prof. Alles ging sneller, alles was intensiever. Ik heb het in het begin echt moeilijk gehad.”

Twijfel was er zeker.

Regelmatig voerde hij gesprekken met technisch directeur Leo Beenhakker, die hem hielp vertrouwen te houden in zichzelf. Ook Bobby Haarms speelde een belangrijke rol in zijn ontwikkeling.

Wanneer Anton over Haarms spreekt, gebeurt dat met zichtbaar respect.

“Van Bobby Haarms heb ik misschien wel het belangrijkste geleerd wat ik mijn hele carrière heb meegenomen.”

Dat ging veel verder dan alleen voetbal.

“Willen winnen. Maar ook begrijpen dat winnen niet vanzelf komt. Daar moet je iedere dag voor leven. Hard trainen, goed eten, goed rusten, discipline hebben en bereid zijn offers te brengen. Of je nu prof bent of amateur, dat verandert nooit.”

Hoewel hij uiteindelijk geen definitieve doorbraak bij Ajax beleefde, kijkt hij met veel waardering terug op die periode.

“Daar ben ik als voetballer én als mens gevormd.”

Na zijn periode bij Ajax vervolgde Anton zijn loopbaan bij ADO Den Haag. Vervolgens maakte hij de overstap naar MVV Maastricht, waar hij uitgroeide tot een vaste waarde binnen het elftal.

Zijn mooiste herinnering? Daar hoeft hij niet lang over na te denken.

“Het kampioenschap met MVV.”

In het seizoen 1996-1997 promoveerde MVV als kampioen van de Eerste Divisie naar de Eredivisie. Alsof dat nog niet bijzonder genoeg was, werd Anton dat seizoen bovendien uitgeroepen tot beste speler van de Eerste Divisie.

Later volgde een buitenlands avontuur bij KFC Uerdingen en VfL Bochum.

Opvallend genoeg zegt Anton zelf dat hij als jonge speler nooit bezig was met dromen over de Bundesliga. “Nee, helemaal niet. Dat is eigenlijk stap voor stap gegaan. Ik heb nooit gedacht: ik wil ooit in Duitsland spelen. Het is gewoon op mijn pad gekomen.”

Juist dat typeert hem. Geen grootspreker, maar iemand die zijn carrière stap voor stap heeft opgebouwd.

Wanneer hij terugkijkt op zijn jaren als profvoetballer spreekt hij nauwelijks over persoonlijke prestaties. Veel liever vertelt hij over wat het voetbal hem geleerd heeft.

“Voetbal leer je niet alleen met je voeten. Je leert omgaan met teleurstellingen, met concurrentie en met verantwoordelijkheid. Je leert dat je iedere dag opnieuw moet presteren. Dat probeer ik nu ook over te brengen op mijn spelers.”

Tijdens zijn periode bij MVV keek Anton bovendien al verder dan zijn actieve loopbaan. Hij behaalde zijn trainersdiploma terwijl hij nog profvoetballer was. “Eigenlijk wilde ik toen al naast mijn carrière een amateurclub trainen. MVV vond dat destijds geen goed idee. Achteraf begrijp ik dat ook wel, maar toen wist ik al dat ik trainer wilde worden.”

Dat bleek achteraf een belangrijk moment.

Niet omdat hij toen al wist waar hij ooit terecht zou komen. Maar wel omdat toen de basis werd gelegd voor de trainer die inmiddels op sportpark Klingelsberg voor de groep staat.

“Ik vond het altijd interessant om mensen beter te maken.”

Die interesse bracht hem eerst naar de jeugdopleidingen van MVV Maastricht en Roda JC Kerkrade. Daar werkte hij met jonge spelers en leerde hij dat talent alleen niet voldoende is.

“Je kunt nog zoveel talent hebben, maar zonder de juiste instelling red je het niet.”

Later volgden hoofdtrainerschappen bij RVU, Eijsden, Scharn, Bunde en Walram. Iedere club bracht weer nieuwe ervaringen met zich mee.

“Ik ben geen trainer voor de korte termijn. Natuurlijk wil ik winnen, maar ik wil vooral bouwen.” Dat bouwen begint volgens hem bij vertrouwen.

“Spelers moeten weten waar ze aan toe zijn. Ik ben duidelijk, direct en eerlijk. Soms is dat niet altijd wat iemand graag wil horen, maar uiteindelijk weet iedereen wel waar hij staat.”

Die open manier van communiceren typeert hem. Tijdens het gesprek komt Anton rustig over. Tegelijkertijd straalt hij gedrevenheid uit. Wanneer het over voetbal gaat, zie je direct hoeveel passie hij nog altijd voor het spel heeft.

Dat was ook één van de redenen waarom hij enthousiast werd toen De Leeuw zich meldde. Eigenlijk wist Anton in de winterstop al dat hij na afloop van het seizoen zou vertrekken bij Walram.

“Ik had voor mezelf al besloten dat het tijd was voor een nieuwe uitdaging.”

De Leeuw was vervolgens de eerste vereniging die contact met hem opnam. “Dat gaf meteen een goed gevoel.” Opmerkelijk genoeg was het niet de eerste keer dat zijn naam in Brunssum rondging.

“Al in 1995 ben ik eens benaderd door De Leeuw.”

Destijds kwam het niet tot een samenwerking. Ruim dertig jaar later is het er alsnog van gekomen.

Met de komst van Anton Vriesde krijgt De Leeuw opnieuw een trainer met een verleden in het betaalde voetbal. Daarmee voegt hij zich bij een bijzonder rijtje in de clubgeschiedenis. Eerder stonden Pierre Vermeulen en Michel Broeders, beiden voormalige profvoetballers van Roda JC, voor de eerste selectie van De Leeuw. Daarnaast kende de vereniging met Arie Pieneman, oud-prof van Fortuna ’54, eveneens een trainer met een betaaldvoetbalverleden. Pieneman was echter actief bij de lagere elftallen en niet als hoofdtrainer van de eerste selectie. Het onderstreept dat De Leeuw in de loop der jaren vaker bewust heeft gekozen voor trainers die hun ervaring uit het betaalde voetbal wilden overbrengen op amateurvoetballers.

Waarom juist nu? Voor Anton is het antwoord duidelijk.

“Het project sprak mij enorm aan.”

Voor Anton draait dat project niet alleen om het eerste elftal. Juist de gedachte achter de aansluiting tussen Onder 19, het nieuw leven in te blazen beloftenteam, het tweede elftal en de eerste selectie spreekt hem bijzonder aan. Jonge spelers moeten de kans krijgen om zich stap voor stap te ontwikkelen. Daarbij denkt hij onder meer aan wedstrijden van het beloftenteam tegen jeugdteams van betaaldvoetbalorganisaties. Volgens hem leren spelers juist in dat soort wedstrijden veel op technisch, tactisch en mentaal gebied. Daarmee doelt hij nadrukkelijk niet alleen op het eerste elftal.

“Daar kun je als vereniging echt stappen mee zetten.” Het opnieuw opzetten van een beloftenteam ziet hij als een belangrijk onderdeel van die ontwikkeling.

“Dat is ontzettend leerzaam. Die wedstrijden liggen op een hoger tempo. Spelers moeten sneller denken, sneller handelen en worden technisch en tactisch uitgedaagd. Daar groeien ze van.”

Juist zijn ervaring binnen de jeugdopleidingen van MVV en Roda JC heeft hem geleerd hoe belangrijk die tussenstap is. “Niet iedere speler is op zijn negentiende klaar voor het eerste elftal. Dan is een goed beloftenteam ideaal.”

Zijn visie sluit daarmee naadloos aan bij de koers die De Leeuw de komende jaren wil varen.

Een ander punt dat hem direct opviel, was de sfeer binnen de vereniging.

“Je merkt meteen dat dit een echte familieclub is.” Hij wijst naar de kantine. “Als je op vrijdagavond ziet hoeveel mensen hier rondlopen, hoeveel vrijwilligers bezig zijn en hoeveel supporters even komen kijken, dan zegt dat eigenlijk alles.” Dat soort betrokkenheid vindt hij belangrijk.

“Een voetbalvereniging draait niet alleen om elf spelers op het veld. Vrijwilligers, supporters, sponsoren, bestuursleden; samen maak je een club.” Ook over de spelersgroep is hij positief.

Hij voerde met iedere selectiespeler een persoonlijk gesprek. “Ik vind het belangrijk om iedereen eerst te leren kennen. Niet alleen als voetballer, maar ook als mens”.

Opvallend is dat De Leeuw al jaren een vereniging is waar de selectie relatief weinig verandert. Ook dit seizoen zijn de mutaties beperkt. Dat ziet Anton als een voordeel. Een vaste basis zorgt voor herkenbaarheid en teamgevoel. Tegelijkertijd krijgt de selectie enkele nieuwe impulsen. Adam Benchallal en Victor van Utteren komen over van Scharn, Mostafa El Sayed van Hoensbroek en Tygo Reijnders keert terug van Vaesrade.

Opvallend is dat Anton zich nog niet laat verleiden tot uitspraken over een mogelijke eindklassering of een kampioenschap. “Dat vind ik veel te vroeg.” Eerst wil hij de spelersgroep goed leren kennen en een compleet beeld krijgen van de kwaliteiten en mogelijkheden van de selectie. In deze fase draait het vooral om ontwikkeling: een team vormen, vertrouwen creëren en iedere week een stap vooruit zetten. Pas daarna vindt hij het verantwoord om verwachtingen uit te spreken.

Een belangrijk onderdeel van de plannen van Anton Vriesde is de samenwerking binnen de technische staf. Hoewel hij als hoofdtrainer eindverantwoordelijk is, gelooft hij niet in een trainer die alles alleen bepaalt.

“Voetbal doe je samen.”

Bij De Leeuw wordt hij daarbij ondersteund door Dennis Janssen, Jordy Crol en Jeroen Kuster. Dennis Janssen is voor de vereniging geen onbekende. Hij was eerder al assistent-trainer van de eerste selectie en kent de club door en door. Jordy behoort tot een jonge generatie trainers die zich de afgelopen jaren binnen De Leeuw heeft ontwikkeld. Voor Jeroen Kuster betekent zijn aanstelling zelfs een terugkeer naar zijn oude club. Hij is de zoon van een oud-speler van De Leeuw, voetbalde zelf in de jeugd van de vereniging en leerde het trainersvak vervolgens bij Scharn. Nu keert hij terug naar de club waar voor hem ooit alles begon.

Anton ziet daarin een groot voordeel. “Je hebt mensen die de vereniging kennen, maar ook jonge trainers die zich verder willen ontwikkelen. Dat spreekt mij enorm aan.”

Hij vindt het begeleiden van trainers bijna net zo belangrijk als het begeleiden van spelers. “Wanneer trainers beter worden, worden spelers uiteindelijk ook beter.” Dat sluit naadloos aan bij de toekomstvisie van De Leeuw.

De club wil de komende jaren niet alleen investeren in het eerste elftal, maar juist ook in de jeugdopleiding, de begeleiding van trainers en de doorstroming van talenten. Volgens Anton is dat de enige manier om als vereniging duurzaam verder te groeien.

Tijdens de tweede training viel mij één ding voortdurend op. Steeds weer klonk dezelfde boodschap.

“Willen winnen.”

Ik vraag hem na afloop wat hij daar precies mee bedoelt. Anton glimlacht even. “Mensen denken vaak dat winnen alleen de uitslag is. Dat is niet zo.” Hij legt uit dat een winnaarsmentaliteit veel eerder begint. “Die begint op de training. Iedere oefening moet serieus zijn. Iedere sprint moet je voluit maken. Iedere speler moet beter willen worden.”

Volgens hem hoort daar ook een uitstekende fysieke conditie bij. “Conditioneel moet het gewoon goed zijn. Als je fitter bent dan je tegenstander, kun je vaak net dat beetje extra brengen.”

Verliezen hoort volgens hem bij voetbal. “Je kunt altijd van een betere tegenstander verliezen.” Maar één ding accepteert hij niet. “Wanneer je verliest, moet je alles hebben gedaan om die wedstrijd te winnen.”

Hij verduidelijkt dat met een voorbeeld.

“Ben je kwalitatief iets minder, dan moet je zorgen dat je als ploeg blijft knokken. Dan mag je nooit zomaar met 6-0 van het veld lopen omdat de bereidheid ontbreekt om voor elkaar te werken.” Dat typeert precies de trainer Anton Vriesde. Niet de uitslag staat voorop.

Wel de inzet. De discipline. De teamgeest. En de wil om iedere dag beter te worden. Dat betekent overigens niet dat resultaten onbelangrijk zijn. Integendeel. “Iedere trainer wil winnen.” Alleen gelooft Anton niet in grote uitspraken vooraf.

Wat hij wél duidelijk voor ogen heeft, is de manier waarop VV De Leeuw moet voetballen.

“Ik wil dat mensen graag naar De Leeuw komen kijken.” Hij spreekt over plezier. Over doelpunten. Over aantrekkelijk voetbal. Maar ook over geloof in elkaar. “Wanneer iedereen bereid is om voor elkaar te werken, ontstaat vanzelf een team.” Dat teamgevoel ziet hij als de basis voor iedere succesvolle vereniging.

Wie Anton Vriesde tijdens het gesprek leert kennen, ontmoet een trainer die rustig overkomt, maar tegelijkertijd duidelijk weet wat hij wil.

Hij is direct. Gedreven. Duidelijk. Maar vooral ook toegankelijk. “Ik ben makkelijk aanspreekbaar.” Dat geldt niet alleen voor spelers. Ook vrijwilligers, supporters en bestuursleden moeten volgens hem gemakkelijk op hem af kunnen stappen.

“Een vereniging bouw je samen.”

Tijdens het gesprek wordt duidelijk dat Anton niet is gekomen om alleen een seizoen te draaien. Hij wil iets achterlaten. Niet alleen een eerste elftal dat beter is geworden. Maar ook een sterkere vereniging. Met meer eigen jeugd.

Na ruim een half uur praten blijft vooral één indruk hangen.

De Leeuw heeft met Anton Vriesde niet alleen een trainer met een indrukwekkend voetbalverleden aangesteld.

De vereniging heeft vooral gekozen voor iemand die wil bouwen. Aan spelers. Aan trainers. Aan de jeugd. Aan de club.

En aan een cultuur waarin niemand genoegen neemt met half werk.

Want wie Anton Vriesde tijdens zijn eerste trainingen heeft gezien, weet inmiddels precies welke boodschap de komende maanden nog vaak over sportpark Klingelsberg zal klinken.

“Willen winnen.”

Brunssum, 13-8-2026
Erik van Venrooij

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *